Duurzaamheid

Gemeente betaalt vooruit in Delfts aardwarmtenet

created by dji camera

Gepubliceerd in ENTRA.

Delft ontwikkelt een warmtenet dat gebruikmaakt van geothermie. De campus van de technische universiteit krijgt nu al aardwarmte. Binnenkort sluiten ook woonwijken aan.

Het begon allemaal bij het idee van studenten, luidt het dominante verhaal. Zij wilden naar aardwarmte boren om hun campus te verwarmen. Onder de TU Delft ligt al een oud warmtenet, ooit gestookt op kolen en later op aardgas. Datzelfde net kon misschien gevoed worden met aardwarmte, bedachten studenten op een kroegavond in 2007.

Gemeente was al bezig

Maar daar begon het niet alléén mee, zegt Arjen Rijsdijk, beleidsadviseur energie bij de gemeente Delft. Al ver voor het idee van de studenten was de gemeente bezig met de energietransitie. “In 2002 maakte Delft al een klimaatplan voor energiegebruik en werd er ook snel nagedacht over warmtenetten. Dat gebeurde met Eneco, toen nog helemaal een publieke partij, met gemeenten en provincies als aandeelhouders.”

De wijk Voordijkshoorn kreeg in 2010 een warmtenet, met warmte uit de rioolwaterzuiveringsinstallatie. Delft was daarna aan het uittekenen hoe de rest van de stad aardgasvrij kon worden.

Gemeente neemt regie

Het idee van studenten viel in Delft dus in vruchtbare bodem. De gemeente wist bijvoorbeeld al dat de aangrenzende wijken Voorhof en Buitenhof geschikt waren voor een warmtenet. Rijsdijk: “Met veel hoogbouw uit de jaren zestig en zeventig zit daar een behoorlijke energievraag. Zelfs na de benodigde renovatie en isolatie.”

De gemeente Delft nam al snel de regie, want er was heel wat om aan te sturen. De wijken Voorhof en Buitenhof tellen bijvoorbeeld vier verschillende woningcorporaties. Daarnaast is er een partij nodig voor de aanleg van het warmtenet en een warmteleverancier die bemiddelt tussen de inkoop van warmte uit de bron en de verkoop naar gebruikers. Die warmteleverancier werd gekozen door de vier woningcorporaties samen.

Onderzoek

Naast deze stuurgroep voor de aanleg van het warmtenet, was er ook een consortium nodig voor de geothermie zelf, met daarin de TU Delft. De universiteit vroeg grote Europese subsidies aan voor onderzoeken bij de boringen. Rijsdijk: “Er is nog heel veel onbekend over de ondergrond. TU Delft kon onderzoeken wat er gebeurt met trillingen en zettingen. Of je daarvoor andere boortechnieken kunt toepassen of een ander materiaal, zoals buizen met andere diameters.”

Maakten die Europese subsidies de boringen betaalbaar? Niet persé, zegt Rijsdijk. “Dat geld is voor de studies, niet voor de boring zelf. Maar de onderzoeken vergrootten wel de drijfveer voor de TU om ook mee te investeren.”

Samen tekenen

Studenten betrokken ook commerciële bedrijven. Zoals boorbedrijf HYDRECO GeoMEC, dat inmiddels is overgenomen door Gaia. Ook Shell is een tijdje aandeelhouder geweest van het geothermie-consortium.

Al die partijen waren van elkaar afhankelijk om besluiten te nemen, vertelt Rijsdijk. “Zonder afname vanuit de woningcorporaties kon er geen businesscase gemaakt worden voor de geothermiebron. Maar een warmtenet zonder bron werkt ook niet.”

Uiteindelijk kwamen alle directies met hun mandaten fysiek in een ruimte bijeen om alle stukken te ondertekenen en een definitief akkoord te geven. Rijsdijk was daar zelf niet bij, maar noemt het project ‘een huzarenstukje’.

15.000 woningen

Op twee kilometer diepte bleek uit geologische onderzoeken dat in Delft inderdaad genoeg warmte beschikbaar is voor de aansluiting van de wijken Voorhof en Buitenhof. Het gaat dan niet alleen om de flats van de woningcorporaties, maar ook om de grondgebonden woningen.

In de eerste fase van het warmtenet sluiten vijf tot zesduizend hoogbouwwoningen aan. Uiteindelijk kan het warmtenet zo’n 15.000 woningen verwarmen. Rijsdijk: “Dat is als het Rijk voldoende bijdraagt voor de aansluiting van de VVE’s en de grondgebonden woningen.

HTO en warmtepomp

Om de geothermiebron zo goed mogelijk te benutten krijgt de installatie een Hoge Temperatuur Opslag (HTO). Daarin kan ‘s zomers warmte uit de ondergrond worden opgeslagen voor gebruik in de winter. Zo kunnen de pompen constanter blijven draaien en gaat de bron langer mee.

Daarbij komt nog een warmtepomp om extra warmte uit de aardwarmte te halen. Die moet nu al zo gedimensioneerd worden dat uiteindelijk de hele wijken Voorhof en Buitenhof bediend worden. Daar is een voorinvestering voor nodig.

Vooruitbetalen

De gemeente verstrekte subsidies voor de voorinvesteringen, om het warmtenet alvast groot en robuust aan te leggen. Eén subsidie ging naar het consortium GTD, voor de overcapaciteit van de warmtepompcentrale. Een andere subsidie ging naar Netverder, voor robuuste leidingen. Beide voorinvesteringen worden terugbetaald als het warmtenet inderdaad volledig wordt uitgerold.

Aanvankelijk was er voor het warmtenet een eigendomsconstructie bedacht zoals we die kennen van aardgas en elektriciteit: een publiek net met een netbeheerder waar verschillende leveranciers hun product kunnen leveren.

Wcw

De nieuwe warmtewet maakt dat onmogelijk. Het warmtebedrijf moet integraal worden, zodat er maar één partij aanspreekpunt is voor consumenten. Dat bedrijf moet bovendien een publiek meerderheidsbelang hebben.

Het warmtenet is nu van NetVerder en warmte wordt geleverd door het bedrijf InWarmte. Rijsdijk: “We zijn bezig een publiek warmtebedrijf op te richten, met NetVerder en EBN-dochter Nationale Deelneming Warmte. De gemeente moet nog besluiten of de gemeente zelf ook aandeelhouder wordt.”

Het Consortium Geothermie Delft (GTD) is en blijft voorlopig van aandeelhouders als Gaia, TU Delft en staatsbedrijf EBN.

Gefaseerde overstap

Omdat de overstap op geothermie sowieso niet van de ene op de andere dag gebeurt, zijn er voorlopig nog andere warmwatervoorzieningen nodig. Sommige flats in Voorhof en Buitenhof zijn bijvoorbeeld al op het warmtenet aangesloten, maar krijgen daaruit nu nog warmte gestookt op gas.

De gebouwen op de universiteitscampus krijgen sinds februari dit jaar als eerste daadwerkelijk aardwarmte. In mei worden onder de rivier de Schie en de spoortunnel door twee buizen aangelegd, voor aanvoer en retour, om ook de woonwijken aan te sluiten.

Prijzen

Voor de eerste fase van de uitrol van het warmtenet is afgesproken met de woningcorporaties en hun huurders dat de prijzen voor geleverde warmte vergelijkbaar worden met wat bewoners bij de overstap betalen voor warmte uit aardgas. De eerste twee gebouwen op de TU-campus betalen nu inderdaad een bedrag voor aardwarmte dat gebaseerd is op hun aardgasrekening van 2025. Ook bij de aansluiting van de volgende panden is het uitgangspunt dat consumenten nooit meer gaan betalen dan dat ze voor aardgas betalen.

Rijsdijk: “Dit zijn en waren harde voorwaarden voor de corporaties om deel te nemen aan de ontwikkeling van het warmtenet Delft. De betaalbaarheid van warmte voor de huurder is steeds leidend geweest in de gemaakte afspraken.” Hoe de prijzen zich precies gaan ontwikkelen en hoe ze uiteindelijk zullen uitkomen op één en dezelfde warmteprijs voor het hele warmtekavel is nog een hele puzzel. Rijsdijk: “We wachten ook nog met smart op rijksgeld om alles dicht te rekenen.”

Temperatuur

Voorlopig levert het warmtenet nog hoge temperatuur water, maar die temperatuur kan omlaag als alle aangesloten gebouwen geïsoleerd zijn. Ook de TU moet nog overschakelen op betere isolatie en andere afgiftesystemen, zoals speciale radiatoren en vloerverwarming. Rijsdijk: “Het mooie is dat er dan weer meer woningen kunnen worden aangesloten.”

Rijsdijk weet nog drie locaties in Delft met een opsporingsvergunning voor geothermie. “Maar met zo’n boring wordt pas begonnen als er zicht is op afzet. Daarvoor moet er wel planvorming zijn voor een warmtenet en moeten dus weer allerlei partijen tegelijk afspraken maken.” Dat duurt dus nog wel even. “Maar de potentie is er wel.”